Bergson: "there is no common measure between mind and language."

Filosofie is zoeken.

Merleau-Ponty zet zich af tegen een filosofie die terugkeert naar tradities. Hij 'gelooft' niet in objectiviteit en rationaliteit, in een beeld op mens en wereld, buiten ons, alsof een god ons bestaan beschouwd. Als er als zoiets is als het goddelijke, dan is dat om ons eraan te herinneren dat we als mens onwetend zijn en dat we moeten blijven zoeken.

Merleau-Ponty plaatst de mens in 'het centrum' van de filosofie; het is de mens die filosofeert en nooit afstand kan nemen van zijn eigen lichamelijkheid en plek die hij in neemt in de wereld. Filosoferen is een constant op en neer bewegen, een opstijgen en afdalen, maar altijd vanuit de plek waar we staan, we kunnen slechts omhoog en naar beneden, en onszelf nooit verlaten.