Bergson: "there is no common measure between mind and language."

De afwezige wereld

"The truth of the word is the absence of the world"

George Steiner (1989)

Steiner schrijft deze woorden woorden nadat hij Mallarmé's gedachten betreffende het woord roos heeft uitgewerkt. Volgens Steiner verwerpt Mallarmé het convenant tussen het gesproken woord en de werkelijkheid. Het woord kan alleen standhouden - voor waar gehouden worden - als de werkelijkheid, dat waar het naar verwijst, achterwege is en blijft. Zodra de werkelijkheid in beeld komt heeft het woord geen waarde meer, en als er geen werkelijkheid is, is het enige van waarde het woord. De grote vraag die dan ontstaat: wat kunnen we nog zeggen over de werkelijkheid, over dat wat is?

Wittgenstein schreef in 1961, dat we alleen maar kunnen spreken wanneer de woorden de we gebruiken daadwerkelijk naar iets (dat aanwijsbaar is) in de werkelijkheid verwijzen, over al het andere kunnen we louter zwijgen.

Regels opvolgen

“Een regel opvolgen is analoog aan het opvolgen van een bevel”

Ludwig Wittgenstein (1953)


Dit korte citaat komt de Filosofische Onderzoekingen en gaat over de regels in taal, de regels die bepalen hoe je spreekt en schrijft, maar ook die bepalen hoe je begrijpt. Het volgen van de regels is een resultaat van training, en toch komt niet iedereen die een gelijke training heeft gehad tot een gelijk begrip van dat wat in taal tot uitdrukking komt. En het blijkt vaak heel moeilijk om het anders te begrijpen.

Er is een analogie tussen de regels van taal en de regels van een spel. Is deze analogie er ook met procedures en richtlijnen? Hoe vrij zijn we om te begrijpen? Om te handelen los van regels? Om het bevel te negeren? Heeft de regel macht doordat ze ons handelen bepaald? Ligt vrijheid in de regels besloten of juist tussen de regels?